Vertrek:
Het is zover, we worden op tijd opgehaald en zonder enige file komen we op tijd op Schiphol aan. Nu begint het lange wachten, maar het schijnt een schone zaak te zijn, in elk geval het kan niet anders.
Het inchecken gaat ook vlot. Voordat je het weet, zit het vliegtuig vol met Thailand gangers. Relatief veel Scandinaviërs op deze vlucht en daar zullen we later nog wel last van ondervinden. Het vliegtuig komt in beweging en gaat op weg naar de startbaan. Maar plots staat het stil. Het lijkt wel of het vliegtuig teruggeroepen wordt, omdat waarschijnlijk de kosten nog niet betaald zijn. Maar dan is het zover. In file gaan een paar vliegtuigen op weg naar de startbaan en één voor één kiezen ze het luchtruim. Allen op weg naar onbekende bestemmingen.
Het is twee uur in de middag als we vertrekken en dat betekent, dat we snel de “nacht” in gaan. We krijgen ieder een zakje met pinda’s en rijst crackers, maar ik houd mijn beide handen op en krijg inderdaad een handvol. We zijn nog even doorgegaan met het eten van de snacks.
Dan is de tijd voor het avondmaal, het is pas vier uur. Maar het moet, want wil je nog een beetje slapen, dan moet dat direct na het eten gebeuren. Je moet uiteindelijk 6 uur inlopen.
We hebben een keuze tussen gestoomde vis met boontjes en aardappels. Het andere is kip met rijst. Ik kies voor de vis, je wilt toch wat anders! Maar dat had ik niet moeten doen. Direct na het verwijderen van het deksel van het bakje rook het eten niet bepaald aantrekkelijk. De aardappels zagen er mooi en geel uit, maar waren zo zacht als boter. Het leek wel aardappelpuree maar dan in bolletjesvorm. Bij de eerste hap van de vis was het duidelijk dat ik niet verder zou eten. Het was in mijn ogen heel slecht, werd er zelfs onpasselijk van. Heb het deksel maar weer op het bakje gedaan en heb op de MP3 Corrie Konings met “Mooi was die tijd” opgezet en in een opslag was ik de vis en de slappe boontjes vergeten.
De landing op het vliegveld van Bangkok ging heel mooi, we maakten een “zachte” landing. Tegenwoordig kun je een zogenaamd “Visa on arrival” krijgen, je hoeft niet meer in het land van vertrek een visum bij de ambassade te halen. We waren niet de enigen die dit idee hadden. Zo iets van 8 lange rijen. Het heeft ons meer dan een uur gekost om officieel toegang to Thailand te krijgen. Maar we zijn welkom. Bijzonder was dat onze bagage al naast de band klaar stond. De volgende stap was de geplande ontmoeting met de chauffeur van de hotel transfer. Die was natuurlijk in geen velden en wegen te bekennen. Dan maar even bellen. Jammer dat de eerste de beste publieke telefoon niet werkte. Een Thaise hostess van een andere touroperator was zo vriendelijk om voor ons met haar mobiel te bellen. Waar kwam het op neer? Wij hadden ons vergist, maar bij het weer teruglezen van de instructie kan dat onmogelijk het geval zijn. We stonden op de verkeerde plek te wachten. Maar goed, we zijn blij na een uurtje wachten in het busje voor de transfer te zitten. Men heeft ons in een hotel in de buurt van het vliegveld geboekt. Omdat wij de volgende dag al heel vroeg weer verder zouden vliegen. Dus met wat overlast hebben we gerekend, maar dat de Boeings en Airbussen recht boven ons hoofd zouden vliegen, dat hebben we niet durven hopen. En dat overvliegen ging 24 uur door! We hebben dan ook heel slecht geslapen. Het was ook een bijzonder hotel met alleen trappen naar boven en naar beneden. We zijn dan ook niet veel weg geweest. De volgende dag, woensdag 19 januari 2011, zijn we om vier uur in de ochtend weer naar het vliegveld gebracht voor de vlucht naar Hanoi, Vietnam.